Ontruimingsbescherming

Alles over ontruimingsbescherming

Wilt u als huurder ondanks een opgezegde huurovereenkomst, toch langer in het gehuurde blijven? Of wilt u als verhuurder juist voorkomen dat uw huurder ondanks uw opzegging langer in het gehuurde blijft zitten? Uw huurrecht advocaat van Koppert & De Jong kan u hierbij helpen!

Anders dan bij de huurovereenkomst middenstandsbedrijfsruimte, geldt voor de huur van overige bedrijfsruimte ex artikel 7:230a BW (waaronder kantoorruimte) een zeer grote mate van contractvrijheid. Zo geldt er geen minimale huurtermijn of een termijnbescherming zoals geldt bij een huurovereenkomst winkelruimte. Stel dat er is opgezegd en de ontruiming is aangezegd. Dan betekent dit nog niet dat de huurder het gehuurde ook daadwerkelijk moet verlaten. Een huurder kan de rechter vragen om ontruimingsbescherming.

 

Twee maanden termijn

Een huurder die een beroep doet op ontruimingsbescherming, moet dit binnen twee maanden ná de datum waartegen de ontruiming is aangezegd. Dit moet gebeuren door middel van een verzoekschrift bij de bevoegde kantonrechter. Is de huurovereenkomst door de verhuurder alleen maar opgezegd en is de ontruiming niet aangezegd? Dan gaat de twee maanden termijn voor het indienen van het verzoek tot ontruimingsbescherming ook nog niet lopen. Het tijdstip waartegen de ontruiming wordt aangezegd mag niet vóór het tijdstip liggen waartegen wordt opgezegd.

 

Schorsing verplichting tot ontruiming

Is het verzoek tot ontruimingsbescherming tijdig gedaan? Dan hoeft de huurder het gehuurde niet te ontruimen, totdat de rechter op het verzoekschrift heeft geoordeeld. Veel huurders die de gehuurde kantoorruimte niet willen verlaten, dienen vrijwel allemaal aan het einde van de twee maand termijn een verzoekschrift tot ontruimingsbescherming. Dit heeft ermee te maken dat ze de maximale termijn benutten om niet te hoeven ontruimen.

 

Beoordeling verzoek: afwegen belangen

De rechter beoordeelt bij het verzoek tot ontruimingsbescherming de belangen van zowel de huurder als de verhuurder. Komt de rechter tot het oordeel dat de belangen van de huurder zwaarder wegen dan de belangen van de verhuurder? Dan wordt het verzoek tot ontruimingsbescherming toegewezen voor een periode van maximaal één jaar. Na die maximale periode van één jaar moet de huurder echt vertrekken, tenzij hij nogmaals ontruimingsbescherming vraagt. Dan zal er wederom een belangenafweging plaatsvinden. De eerste termijn van ontruimingsbescherming wordt daarbij meegewogen. Slechts in uitzonderlijke gevallen krijgt een huurder opnieuw een termijn gegund niet te hoeven ontruimen. In theorie kan de huurder ook daarna nogmaals een verzoek indienen. Hierdoor kan in totaal maximaal drie jaar ontruimingsbescherming worden gekregen.

 

Geen ontruimingsbescherming

In de volgende gevallen heeft een huurder echter geen recht op ontruimingsbescherming:

  • de huurder heeft de huurovereenkomst zelf opgezegd;
  • de huurovereenkomst is beëindigd met wederzijds goedvinden;
  • de huurovereenkomst is ontbonden vanwege een tekortkoming van de huurder;
  • de huurder heeft het verzoek niet binnen de twee maanden termijn (en dus te laat) ingediend.

 

Meer informatie?

Wilt u meer weten over wat het recht rondom huur allemaal voor u betekent? Koppert & De Jong helpt u graag met juridisch advies. Bel vandaag nog voor een afspraak!

 

Contact

× Advocaat nodig?